Login


All times are UTC + 2 hours [ DST ]


It is currently Wed Dec 13, 2017 3:46 pm




Post new topic Reply to topic  [ 2 posts ] 
Author Message
 Post subject: Solomissie Valerius : The Return To Keep Davencourt
PostPosted: Fri Aug 08, 2008 1:47 am 
Paladins! Elder
Paladins! Elder
User avatar

Joined: Tue Oct 26, 2004 1:02 am
Posts: 61
Location: Darromar
Vanonder de beschutting van een boom keek Valerius naar Keep Davencourt, dat nog geen tweehonderd meter van hem was verwijderd. Net als de rest van Tethyr, was ook Keep Davencourt bedekt onder de donkere grauwe wolken van waaruit onophoudelijk de zwarte regen neerdaalde. Hier zou het laatste deel van zijn missie plaatsvinden om bondgenoten voor de komende strijd te verzamelen.

Valerius’ gedachten gingen terug naar gisteren, toen hij zijn discipels toesprak over de komende Apocalyps. Een aantal van zijn leerlingen, de meest getalenteerden aan wie hij al belangrijke taken had toevertrouwd, hadden al gemerkt dat er iets mis was en dat er een loodzware last op de schouders van Valerius rustte. Na de toespraak was het iedereen duidelijk geweest welke mogelijke toekomst er zou kunnen zijn als The Black Hand zou slagen… En toch had de paniek niet toegeslagen. De leer van Azuth die discipline en daadkracht bracht, maakte het dat men logische paden ging bewandelen. Dat men deze kennis ging delen met andere magiërs, opdat zij ook zouden deelnemen aan de strijd tegen dit onheil, dat men nog meer als tevoren naar oplossingen en antwoorden ging zoeken in de oude boeken. Kennis is macht, het delen van kennis geeft kracht (Law nr. 173 of Azuth).

Ook de discipelen van Mystra, net als Valerius waren zij druk bezig met de wederopbouw van hun tempel, had hij gedeeld in de kennis over de komende Apocalyps en waarom Mystra niet meer hun gebeden had gehoord. Al gauw hadden zij hun bereidheid getoond hulp te bieden wanneer het teken daar zou zijn. In ruil hiervoor had Valerius opnieuw zijn kennis gedeeld en de leerlingen van Mystra uitgelegd op welke wijze zij hun boeken, die ook bij hen waren gestolen uit de tempel, weer zouden kunnen terugvinden.

Tenslotte het laatste deel van zijn missie: Lord Iron Mask uit Low Davencourt. Het was mede door Valerius’ toezegging (en uiteraard uiteindelijk de goedkeuring van koningin Zhiranda Star Rhindaun) dat Lord Iron Mask heer en meester van zowel Low Davencourt als Keep Davencourt was geworden. Zou Lord Iron Mask nu opnieuw zijn hulp aanbieden om te helpen de Apocalyps tegen te houden? Valerius wist het werkelijk niet. De laatste keer had de raad van Low Davencourt met een zeer kleine meerderheid (slechts één stem verschil!) toegestemd te helpen. Sindsdien was er geen enkel teken van leven geweest uit Keep Davencourt…

Terwijl hij zijn gedachten hierover liet gaan, speelde zijn linkerhand met het amulet dat aan een houden ketting om zijn nek hing. Het koude metaal bracht hem terug naar deze realiteit en hij keek naar de afbeelding op het amulet van zijn vrouw en twee kinderen. Zijn gedachten voerden hem naar zijn familie die hij in geen jaren had gezien. Het laatste teken van leven van zijn familie was een beeltenis van zijn zoon geweest in een glazen bol in de ruines van Netheril. En telkens wanneer hij zich wilde voornemen om zijn familie te gaan opzoeken, bracht een andere missie hem steeds van dit doel vandaan… Hij bekeek het amulet aandachtig. Zijn één na laatste creatie. Naast een tastbare herinnering die het kleinood hem gaf aan zijn dierbare familie, bood het amulet hem tevens bescherming tegen massieve schade van spreuken of klappen van zwaarden e.d.. Terwijl hij naar de zwarte regen keek die onophoudelijk uit de hemel bleef neerdalen, haalde hij uit één van zijn vele binnenzakken, zijn laatste creatie; een zilveren circlet (i.e. een grote zilveren ring) en plaatste dit op zijn hoofd. Zachtjes prevelde hij de woorden “praecipitatio” en stapte vanonder zijn beschutting vandaan de regen in. Waar bij een ieder ander de grauwe regen op diens gezicht zou vallen en grijze strepen zou achterlaten, om vervolgens te blijven kleven aan diens kleding, viel de regen bij Valerius op een onzichtbaar afdakje boven zijn hoofd en droop het vanaf de onzichtbare zijkanten omlaag op de grond, zonder de kleding en zijn gezicht met ook maar één druppel nat te maken. Vervolgens begon hij te lopen in de richting van de grote gesloten poort van Keep Davencourt.

Hij had nauwelijks een aantal meters gelopen in de regen toen Valerius opeens een stem naast zich hoorde: “Ooohhhh, moooiie truukk van Maah- gijer Valeriiiusss!”. “Hij loopen in sswarte reegen maarreh worde niet natt!”. Valerius sprong in een reflex opzij en wilde in een vloeiende beweging een magic missile uitspreken maar kon zich maar net inhouden toen hij de gebochelde oude man herkende die schijnbaar uit het niets naast hem was komen lopen en vroeg bijna bevestigend: “Tanmor?” Met z’n groot en waterig oog keek hij Valerius aan en zei: “Maah-gijer! Tanmor blij! Eihhh –Ron Masssk, voorspeld dat Maah-gijer terug komen zou voor tweede verzoek. Tahn-Morr Maah-gijer boodschap geeven van Eihhh –Ron Masssk. Eihhh –Ron Masssk drrukkk besiiggg… Swaartttee reegen … Swaarttee probeleeemen ffoorrr Eihhh –Ron Masssk. Tahn-Morr Maah-gijer boodschap geeven van Eihhh –Ron Masssk. Boodschap! Kijke hier…

Opeens haalde Tanmor het zwarte ooglap weg voor z’n oog en Valerius keek opeens in een gapend gat. Verstomd bleef Valerius in dit zwarte gat kijken en de ruimte om hem heen leek te vervagen. Hij leek door het zwarte gat te worden opgezogen en tijd en ruimte leken opeens te plaats maken voor een totale leegheid, als ware het dat Valerius zich in het zwarte gat zelf bevond! Opeens klonk uit het niets de stem van Lord Iron mask“. “Valerius Goldenmind, Wizard in the Order of the White Sash, Grand Librarian of the Temple of Azuth in Darromar, Keeper of the Holy Trinity Books of Azuth, opnieuw is jouw komst naar Keep Davencourt reeds voorspeld en zijn wij reeds op de hoogte van jouw verzoek! Reeds voor jouw komst heeft een stemming in de Raad van Low Davencourt plaatsgevonden en … opnieuw zal Keep Davencourt en Low Davencourt de Bovenlanders voorzien van de nodige hulp wanneer dit nodig zal blijken te zijn om deze Apocalyps te doen stoppen en om te doen voorkomen dat Keep – en Low Davencourt voorgoed zal verdwijnen in totale vergetelheid. Gaat Magiër en weet dat je de zegening en de hulp van Keep Davencourt en Low Davencourt met je zal meedragen!”. Hierop klapte Tanmor zijn ooglap weer dicht en met een klap werd Valerius weer teruggegooid naar de realiteit. Toen hij zich weer gewaar werd van zijn omgeving zag hij dat Tanmor was verdwenen…

Terwijl hij terugliep naar de plek waar het portaal zich bevond dat hem zou terugbrengen naar de tempel van Astoth, liepen er talloze vragen door zijn hoofd. Hij voelde vreugde want hij was zonder meer in zijn missie geslaagd. Hij voelde echter ook enige angst want hij wist maar al te goed dat de geschenken van Lord Iron Mask nooit gepaard gingen zonder een zekere prijs…


Top
 Offline Profile  
 
 Post subject:
PostPosted: Fri Aug 08, 2008 6:38 pm 
Paladins! Elder
Paladins! Elder
User avatar

Joined: Sat Mar 08, 2003 9:22 pm
Posts: 110
Location: Darromar
Tanmor de gebochelde, sleepte zijn geradbraakte lichaam door de ondergrondse straten van Low Davincourt. Hoewel de stad onder de hemel nu ook van de inwoners was, hadden veel bewoners er toch voor gekozen om ondergronds te blijven wonen.
Na zoveel jaren een toekomst opbouwen in het donkere gangenstelsel van Low Davincourt, was het moeilijk om weer terug te keren naar de oppervlakte, hadden veel van de outcasts ondervonden.
Zo was Keep Davincourt overdag toch niet veel meer dan een spookstad waar zo nu en dan een monsterlijk wezen ronddwaalde en bruisde Low Davincourt nog steeds van het leven.

Tanmor geraakte voor de poorten van het ondergrondse paleis van Iron Mask, waar de groteske wachters de gebochelde met een diepe buiging onmiddellijk doorlieten.
Ditzelfde ritueel herhaalde zich in de gangen van het paleis die Tanmor moest doorkruizen om bij de studiekamer van Iron Mask aan te komen.
Voordat Tanmor op de deur kon kloppen, hoorde hij aan de andere kant Iron mask roepen: “Kom binnen.”
De gebochelde gaf gehoor aan het bevel van zijn meester, liep de kamer in en bleef voor het bureau staan waar Iron Mask aandachtig in een bol staarde.

Zonder van de bol op te kijken, gebood hij zijn boodschapper om verslag uit te brengen.
“Maaah- Ssster, dehh booodskapp isss ovuur gubragttt.”
Iron Mask keek even kort op en sprak toen geïrriteerd: “Tanmor, je weet dat ik een hekel heb aan dubbele gezichten, dus laat die vermomming vallen!”
De gebochelde boog even en zei: “Sooohhrry, Het isss maaahgt derr gewoonte geworden.”
In diezelfde zin transformeerde Tanmor naar zijn oorspronkelijke gedaante en de kamer van Iron Mask leek iets donkerder te worden, alsof de schaduwen die plotseling erbij waren gekomen, moeite hadden om een plek te vinden waar ze gerust konden blijven kleven.


De getransformeerde Tanmor sprak verder met een diepe, melodieuze stem: “De tovenaar weet dat wij indien nodig zijn kant zullen kiezen. Zoals opgedragen heb ik me niet uitgelaten over de rol die wij willen spelen in het grote geheel.”

Iron mask mompelde iets en antwoordde vervolgens: “De rol die we moeten nemen is een grote en kan ons nog wel eens duur komen te staan. Waarschijnlijk denkt de magiër dat we er weer op uit zullen trekken om als dolle honden ons linea recta in het verderf te storten. Die vechtlustige vrienden van hem hebben een slechte invloed op zijn vermogen tot redeneren en al snel zal ook hij een oplossing willen zoeken in superieur geweld.”

Op een toon die niet overeenstemde in een relatie van meester tot dienaar, vroeg Tanmor direct: “Hoe loopt het met het verdrijven van de Zwarte Regen?”
Iron Mask keek even op en vanachter zijn stalen masker klonk een hol gegrinnik: “Hrmpf, Tanmor. Altijd direct tot de kern, he? Geen gevoel voor drama of het opbouwen naar een cresecendo waarin iemand het plezier gegund wordt om een succes te kunnen melden.”
Tanmor haalde kort zijn schouders op, waarna Iron Mask vervolgde: “Het verdrijven van de Zwarte Regen blijft een moeilijke opgave. Zeker omdat we alle mystieke ondersteuning moeten missen. Juist door de Zwarte Regen. Echter...., twee dagen geleden leek er een lichtpunt in het onderzoek te komen. Bijna letterlijk een lichtpunt, dat was gesignaleerd boven Darromar.”, Iron Mask zweeg verwachtingsvol.
Tanmor keek bijna geschokt over de kristallen bol naar zijn leider: “Boven Darromar? Hoe kan dat dan?”
“Ahh, maar dat beste vriend, is nu juist het mooiste. Wist jij dat de Triad weer fysiek hersteld is in den vleze?”
Tanmor schudde zijn hoofd met onbegrip. “In den vleze? Dus er zijn weer drie monniken van Torm, Tyr en Ilmater samen op pad. Dat gebeurt toch wel vaker?”
“Nou, dat is de laatste tijd aardig tegengevallen,”, wierp Iron Mask hem tegen: “De laatste anderhalf jaar was iedere tempel toch voornamelijk druk met de zorgen die zij zelf hadden. Zelfs, de orde van Ilmater, heeft zich hier schuldig aan gemaakt. En van die zou je dit toch niet zo snel verwachten. Maar goed, ditmaal zijn drie gelovigen, voorstanders van de ethische normen en waarden van hun Goden, bij elkaar gekomen om gezamenlijk een hoger doel na te streven; het redden van Toril zoals wij deze kennen en willen houden. Ik denk dat we niet hoeven te gissen naar de vertegenwoordigers van Torm en Tyr, nietwaar?”
“En die van Ilmater zal toch wel tussen iedere houw van een zwaard duiken, dus da’s geen lang leven beschoren.”, vulde Tanmor aan. “Dat denk ik dus niet”, wierp Iron Mask voor de tweede maal tegen: “Deze man van Ilmater schijnt midden in de Zwarte Regen gewoon zijn spreuken uit te kunnen spreken. Heeft dus zogezegd een steviger of andere lijn met de Goden. Hij is ook bekend onder de ingewijde Ilmatari. Min of meer een heilige. Hoorde ik van de Ilmatari die hier hun diensten aanbieden.”
Tanmor trok een wenkbrauw op: “Wat heeft dit te maken met dat wij de Zwarte Regen zouden kunnen stoppen?”
“De Ilmatari die hier nog in Low Davincourt zijn, hebben aangegeven dat we nu op zoek moeten naar gelovigen die ooit een keer een ontmoeting hebben gehad met een Hemels wezen of een avatar. Deze gelovigen zouden ons kunnen helpen om de regen tijdelijk te stoppen. Het verdere proces, ga ik je niet uitleggen, want dan zou ik je toch maar vervelen.”
“Da’s goed nieuws.”, beaamde Tanmor. “Het is in ieder geval een succes als we de regen tijdelijk zouden kunnen stoppen. Hebben we inmiddels al iets meer waar we mee kunnen werken rondom het relic?”

“Nou, dat is eigenlijk een apart verhaal. Het relic lijkt volgens de scryers geen item te zijn, zoals we hadden verwacht.”
Weer trok Tanmor een wenkbrauw op. “Het relic wordt gebruikt om iets te offeren. Dat moet dan toch een wapen zijn?”
“Ja, dat leek ons ook. De scryers krijgen echter compleet andere beelden binnen, wanneer ze op het relic focussen. Hier kijk maar. We hebben een aantal seconden van het beeld kunnen vangen.Op de een of andere manier lijkt het bekend.”, Iron Mask wees op de bol die voor hem op het bureau stond.
Tanmor boog zich voorover en keek in de glasachtige bol, waarin om de paar seconden iedere keer hetzelfde tafereel zich herhaalde.
Hij zag een grote man in een donker harnas met een berekenende blik in zijn verder levenloze ogen. Achter de man liepen andere mensen die niet scherp in beeld kwamen en dus afgedaan werden als wazige schimmen. Langzaam bracht hij een met juwelen bezette hand naar zijn gezicht en wreef hiermee over zijn kin. Hierna daalde de geringde hand langzaam naar beneden en de bol volgde de hand, die tot rust kwam op het hoofd van een jongeman met kort, piekerig en donker haar. De onschuldige ogen van de jongen bleven recht in het beeld kijken. Hierna werd de bol even troebel en herhaalde het tafereel zich weer opnieuw.

Tanmor slikte geschokt nadat hij het beeld voor de derde keer had gezien. Dit bleef niet onopgemerkt voor Iron Mask en hij vroeg hem: “Is er iets wat je ongerust maakt? Zo zie ik je zelden. Wat is er?”
“Ik denk dat we bijzonderheden hebben.”, sprak Tanmor kort.
“Wat? Wat is er aan de hand?”, vroeg Iron Mask duidelijk ongerust.
Tanmor bleef stil en greep terug in zijn gedachten naar een paar uur geleden. Kon hij zich vergissen? Hoe graag hij ook wilde, hij wist bijna zeker dat hij gezien had, wat hij gezien had.

“Waar in Toril hebben de scryers dit beeld opgevangen?”, vroeg Tanmor ontwijkend.
“Dit beeld is opgepakt rondom Calimport. We volgen het relic al vanaf Chult. Wat is er aan de hand, Tanmor?”
Tanmor greep voor een laatste maal terug naar een paar uur geleden. Weer zag hij Valerius nerveus spelen met een amulet. Een amulet waarop twee kinderen en een vrouw stonden. Tanmor had onmiddellijk gezien dat het een ketting betrof waarin de magiër een magische spreuk had opgesloten. Dit had Tanmor niet zozeer verbaasd. Wat hem op was gevallen was dat er geen opzichtige ketting van was gemaakt, maar een eenvoudig, handgeschilderd amulet met een familieportret. Hij had het verder afgedaan als een slimme camouflage van een magisch object. Nu hij het vastgelegde beeld van de scryers had gezien, beukte het amulet met familieportret weer op zijn hersenen.

“Die jongen in de bol is familie van Valerius.”, achter het masker slaakte Iron Mask een verschrikte kreet, bij het horen van dit nieuws. “De relic lijkt de zoon van Valerius te zijn.”
Iron Mask was met stomheid geslagen en keek nogmaal in de bol.
“Die ogen. Dat was het bekende. Hij heeft de ogen van zijn vader!”, riep Iron Mask uit.
“Valerius of zijn vrienden zullen de relic nooit vernietigen als zij weten dat het relic zijn bloedeigen zoon is.”, zuchtte Tanmor.
“We moeten hem niets vertellen en zelf actie ondernemen. Het is te belangrijk. De relic moet vernietigd worden!”, Tanmor keek stuurs over de glazen bol, waarin juist op dat moment het gezicht van de jongen weer naar voren kwam.
“Nee!”, brulde Iron Mask over de tirade van Tanmor heen. Inmiddels was hij ook opgestaan en hij leunde dreigend met zijn vuisten op tafel.
“Maar, het betreft hier slechts één persoon. Eén jongen die de wereld kan redden...”, “Nee! Zoon! Ik zeg nee.”, Iron Mask had de eerste twee woorden gebruld en met de laatste drie woorden verzachtte zijn stem.
“Het is niet aan ons om een beslissing te nemen in familiekwesties. Dat is heilig, zoon. Op het concept familie zijn de fundamenten van Low Davincourt gebouwd. Daar bemoeit niemand zich mee. Ook wij niet. De beslissing ligt bij Valerius en niet bij ons.”

Na een lange stilte, sprak Tanmor weer als eerste: “U heeft gelijk, vader. De beslissing ligt bij Valerius. Ik hoop alleen voor het nut van de wereld dat hij de juiste beslissing neemt.”
Iron Mask knikte kort bij het toestemmen van zijn zoon. “Ik hoop ook dat de juiste beslissing wordt genomen en ik dank alle Goden dat ik deze beslissing niet hoef te nemen.”

Na weer een korte stilte, gaf Iron Mask zijn boodschapper Tanmor opdracht: “Tanmor, we moeten deze informatie snel aan Valerius brengen en hem de keuze laten maken. Een groot voordeel van religieuze fanaten is dat zij alles als een boodschap van God beschouwen. Kunnen de oneiromancers deze beelden in een droom van de magiër plaatsen?”
Tanmor dacht even kort na en antwoordde: “Ik denk dat ze met wat kunst- en vliegwerk dit beeld wel door kunnen zetten als Valerius in diepe rust is. De droom zal als een boodschap overkomen en hij zal ongetwijfeld denken dat zijn God hem een openbaring heeft geschonken. Ik zal ze direct aan het werk zetten, zodat ze met wat geluk vanavond de boodschap nog over kunnen brengen.”
Iron Mask pakte de glazen bol op en overhandigde hem aan Tanmor. “Geen insinuaties toevoegen. De beslissing is al zwaar genoeg. Laat zijn God hem daadwerkelijk bijstaan in het maken van de juiste beslissing.”
Diezelfde avond had Valerius een onrustige droom.
De kristallen bol die enkele dagen geleden versplinterd was, lag in perfecte staat in zijn hand.
Hij bevond zich in Myth Drannor en voor hem stonden twee groten kristallen bollen.
In de linkerbol lachte Hedwick Iscariott hem sadistisch toe en in de rechterbol zag hij zijn zoon verward naar hem kijken; alsof hij om hulp smeekte.
Valerius keek naar de veel kleinere bol in zijn hand.
In de bol week de mist om een beeld te tonen. Het beeld dat hij zag, deed hem verstijven.
Hij zag een grote man in een donker harnas met levenloze ogen. Dezelfde man als in de linker kristallen bol voor hem. Langzaam bracht hij een met juwelen bezette hand naar zijn gezicht en wreef hiermee over zijn kin. Hierna daalde de geringde hand langzaam naar beneden en de bol volgde de hand, die tot rust kwam op het hoofd van een jongeman met kort, piekerig en donker haar. Dezelfde jongen die hem in de kristallen bol rechts voor hem smekend aankeek. Een schok schoot door hem heen bij het weerzien van zijn zoon. De onschuldige ogen van de jongen bleven recht in het beeld kijken. Hierna werd de bol even troebel en zag Valerius de route van Calimsham naar het Noorden; naar Tethyr. De route waarop Iscariott en zijn zoon wandelden...


Top
 Offline Profile  
 
Display posts from previous:  Sort by  
Post new topic Reply to topic  [ 2 posts ] 

All times are UTC + 2 hours [ DST ]


Who is online

Users browsing this forum: No registered users and 1 guest


You cannot post new topics in this forum
You cannot reply to topics in this forum
You cannot edit your posts in this forum
You cannot delete your posts in this forum
You cannot post attachments in this forum

Search for:
Jump to:  
cron