Onderwerp
: The Heart of the Desert
Auteur : Marco Baro
Datum : 13-11-2010
 


 The Chronicles... So Far
 

The Heart of the Desert

 
Belros speurde vanaf een zandduin, gezeten op de rug van zijn trouwe metgezellin Destrin, de omgeving af van de woestijn in de hoop ook maar iets te bespeuren van de figuren die zijn tempel hadden ontheiligd. Geen spoor hadden zij echter achtergelaten toen zij de tempel van Astoth hadden verlaten en terug waren gekeerd naar de woestijn.
Hij zuchtte diep en keek in de richting van zijn tempel. Voor de ingang van de tempel zag hij de groep acolieten die had bevolen naar buiten te gaan, om te voorkomen dat zijn ondoden-bewaking hen zou hebben aangezien voor indringers en hen genadeloos had afsgelacht.

“Wat zouden ze nu denken van “The Voice of Astoth”, nu zij zonder enige reden of uitleg uit de tempel waren gezet”? “De geruchtenmolen zou nu wel op volle sterkte draaien”, vermoedde Belros. “Ik moet hier snel gaan handelen om te voorkomen dat er misschien wel een opstand zou kunnen uitbreken!” Nu de teleport-stone niet meer operationeel was, was de aanvoer van voedsel ook gestopt. Belros schatte in dat het een kleine twee weken zou duren voordat er hongersnood zou uitbreken. “Verdorie! Mijn tempel stort in elkaar waar ik bij sta! Er moet een oplossing zijn voor dit probleem, dat kan niet anders!”, en met deze gedachten reed hij op Destrin’s rug terug naar zijn tempel.

Eenmaal aangekomen in zijn tempel, beval Belros zijn priesters om zoveel mogelijk “Create Water and Food”-spreuken in te studeren om zo de voedselvoorraad op peil proberen te houden. Vervolgens ging hij naar Valerius toe, die in bibliotheek van Astoth in de boeken was gedoken om enige aanwijzingen te vinden waarom de tempel van Astoth zonder schijnbaar enige reden was aangevallen, er belangrijke edelstenen waren ontvreemd en zo de gehele tempel was ontwricht.

Belros vond Valerius aan een bureau bezaaid met tientallen opengeslagen boeken, gebogen over een groot vel papier waarop de magiër op diverse plekken stukjes tekst had geschreven. Die stukken tekst waren allemaal omcirkelt en sommige van deze omcirkelde stukjes tekst waren middels lijnen direct met elkaar verbonden. Langs deze lijnen had Valerius ook weer woorden geschreven. Het werd Belros bijna duizelig voor de ogen bij het zien van al die cirkels en lijntjes. “Zeg, je weet toch hopelijk wel waar al die boeken weer stonden, hoop ik?”, gromde Belros, duidelijk uit zijn doen. Toen hij geen reactie kreeg van Valerius, die nog steeds op het grote vel papier aan het schrijven was, vroeg hij met een iets mildere stem: “Weet je inmiddels al wat meer?”.

Hierop stopte de magiër even met schrijven en keek Belros afwezig aan, alsof er nog in zijn hoofd verbanden werden gelegd tussen de verschillende stukken tekst die hij had gelezen in de diverse boeken. Toen hij Belros eindelijk gewaar werd, begon de magiër een korte samenvatting te geven van hetgeen hij tot nu toe had gevonden. “De drie edelstenen die ontvreemd zijn uit jouw tempel, worden ook wel de Shards genoemd. In een van de boeken hier wordt geschreven over een speciale eenheid van Astoth die naar deze Shards heeft gezocht en ze klaarblijkelijk heeft gevonden en ze heeft ondergebracht in jouw tempel. Deze drie Shards vormen samen met een vierde Shard “The Soul of the Desert”. Het feit dat in je tempel ‘slechts’ drie van de vier Shads zich bevonden, gaf jouw tempel al enorm veel macht en zorgde ervoor dat jouw tempel onderdeel was van de woestijn”.

Valerius volgde op zijn grote vel papier een lijn die een omcirkelde stuk tekst verbond met een ander omcirkeld stuk tekst. “Er is een verband tussen deze Shards en de Avatars van Moeder Woestijn”. Valerius keek Belros nu doordringend aan en sprak, “de Avatars zijn aspecten van Moeder Woestijn en het is hun taak om de balans te bewaren. En was het nu niet een van de figuren die we tegenkwamen in jouw tempel die ook over de balans sprak die moest worden hersteld? Het zou dus goed kunnen dat de Shards in jouw tempel zijn gestolen door de Avatars van Moeder Woestijn met als doel de Balans te herstellen. De vraag is welke balans zij willen herstellen…”

Valerius ging verder en zijn vinger volgde een nieuwe lijn naar een ander omcirkeld stuk tekst. “Ook jouw ondoden-bewakers, vroeger zelf paladijnen van Astoth, zijn ontstaan uit de kracht van deze Shards”. Nadat Belros deze informatie op zich had laten inwerken, zei hij tegen Valerius: “Staat er meer informatie over deze Avatars in de boeken? Of over deze Shards?”. “Geen woord, geen tekening, helemaal niets”, antwoordde Valerius en hij keek opnieuw peinzend naar zijn vel papier met de cirkels en lijnen en korte stukken tekst.

“Nou, als we de informatie niet hier kunnen vinden, moeten deze elders gaan zoeken”, sprak Belros. Ik weet dat er ongeveer op een dag reizen hiervandaan een berber dorp is. Wellicht dat zij ons meer informatie kunnen geven. Niet geschoten is altijd mis en de tijd begint nu echt te dringen!”.

Voordat Belros met zijn twee vrienden vertrok, informeerde hij naar de aanwezigheid van de Shadout, maar zijn priesters hadden haar nog niet zien terugkomen in de tempel. Zij hadden wel het gerucht gehoord dat de Shadout naar een bijeenkomst van de Coven was afgereisd om een of ander onheil af te wenden…

Een uur later waren Belros, Marcus en Valerius klaar om af te reizen. Belros had ook besloten om drie extra personen uit zijn tempel mee te nemen. In het geval Belros verder zou afreizen vanaf het berber dorp, dan zou hij deze boodschappers naar zijn tempel terugsturen om dit nieuws door te geven. Vanwege de woestijnhitte verruilden Belros en Marcus hun zware wapenuitrustingen nog wel voor de lichtere leather armors.

De weg naar het berberdorp verliep zonder problemen en het was inmiddels bijna nacht. Eenmaal in het dorp merkte de groep onmiddellijk dat er iets niet klopte; er was werkelijk geen mens op straat te zien. De groep reist de straten verder af naar het centrum van het dorp waar in het midden een kleine kerkhof lag. Belros zag dat nabij deze plek ook het grootste huis van het hoofd van dit dorp was gelegen en stuurde Destrin die kant op. Eenmaal aangekomen bij dit huis, merkte hij opnieuw op het stil het hier wel was. Het was alsof het hele dorp zijn adem in hield op wat komen zou…

Terwijl Belros met getrokken zwaard naar binnen liep, vergezeld met een van zijn acolieten naar binnen ging, voerde Marcus een Detect Evil uit. Het resultaat hievan voorspelde niet veel goeds. Het gehele dorp voelde evil aan en ook Destrin gaf mentaal door aan Belros dat het gehele dorp naar de dood rook. Belros liep inmiddels in het huis rond van de leider van dit dorp en ook binnen was het doodsstil. De etenswaren lagen hier te rotten en gaven het gevoel dat de bewoners alles in allerijl hadden achtergelaten en het dorp hadden verlaten.

Marcus was inmiddels ook het huis genaderd tot de deuropening en zag opeens tot zijn grote schrik dat uit de grond vanachter Belros en zijn acoliet, een wezen omhoog schoot, die zich stortte op de ongelukkige acoliet. Marcus reageerde bliksemsnel en begon meteen het wezen te turnen. Dit lukte en het wezen dook meteen de hoek in. Belros gaf een deel van zijn Lay-On-Hands aan zijn gewonde acoliet en kon deze gedeeltelijk genezen aangezien het bot in zijn been was gebroken.

Hierna vestigde hij zijn aandacht op het wezen in de hoek. Hij herkende het wezen als een vampierachtig wezen en het was sterker dan het in eerste instantie leek. Verder herkende hij aan de kleding dat het wezen vroeger een bewoner moet zijn geweest van dit dorp… Normaliter had de turn van Marcus het wezen moeten vernietigen. Belros begon vervolgens op het figuur in te hakken, maar opeens kreeg hij een mentale ‘brul’ van Destrin. Ook zij werd aangevallen! Belros maakte korte metten met dit wezen en snelde toen snel naar buiten.

Ondertussen waren Marcus, Destrin en Valerius hevig in gevecht met drie gevleugelde vampierachtige wezens die hen van alle kanten leken aan te vallen. Nadat Marcus zijn brooche, een geschenk van Valerius had geactiveerd, turnde hij twee van de die gevleugelde vampieren, die in één klap in as werden veranderd. De laatste vampier werd door Destrin en een goed geplaatste Magic Missile van Valerius voorgoed uitgeschakeld.

Er klonken meer voetstappen in de duisternis en ook boven de hoofden van de helden klonk het geluid van vleugels in de duisternis, een duistere voorbode van wat zou komen… Opeens verscheen in een heldere vlam in het midden van het kerkhof nog een wezen. Dit was duidelijk de leider en hij was gekleed in kleding die duidelijk niet van deze omgeving was, maar duidde op een meer nubische oorsprong. Wat nog meer opviel was dat zijn ogen helder blauw waren. Met grimmige ogen keek hij naar de groep helden en sprak, “I am the servant of Arkh-Nadim and you will be fed upon!”. Met deze woorden werd de groep helden aangevallen. Marcus en Belros begonnen opnieuw met turnen en keer op keer wisten zijn met hun turns, de vampierachtige wezens tot stof te veranderen!

Opeens sprak het wezen een aantal archaïsche woorden uit en wees zijn vinger naar één van de acolieten die zich links van Valerius bevond.

Een zwarte straal trof diens hart en hij stortte levenloos ter aarde. Valerius herkende deze spreuk als een necromantische Deathray.
Het gevecht ging verder en er was geen tijd om te treuren over de gestorvene. Meer turns van Belros en Marcus en meer vampieren werden vernietigd. Langzaam trok de groep zich terug en ook de leider verdween opeens in het niets. Valerius verlichtte nog hun terugtocht met een welgerichte Fireball.
De groep wist niet hoe lang het zou duren voordat de vampieren zich zouden hergroeperen en ze besloten op de voet het dorp te verlaten; ze moesten ook wel want de kamelen waren door de vampieren geheel verorberd. Dit lukte en na een flink stuk lopen stopte zij op een duinpan. Belros draaide zich om richting het dorp en zag tot zij n verbazing dat het gehele dorp in een rode gloed was gehuld; het gehele dorp stond in vuur en vlam! De groep zag dat een aantal zwarte figuren in allerijl het dorp verlieten. Aan de rand van het dorp zag de groep een ander wezen staan, waarvandaan de gloed leek vanaf te komen. Na een tijdje verdween ook dit figuur.De groep besloot de nacht door te brengen op de duinpan. De volgende morgen was Belros als eerste wakker en hij merkte direct op dat daar waar eens het dorp had gelegen, een glinstering was, die hem belemmerde goed naar die plek te kijken. ttp://www.amoeba.com/dynamic-images/blog/Job/fire.jpg
Hij maakte de anderen wakker en ze besloten opnieuw de richting op te gaan waar eens het dorp had gelegen. Toen de groep dichterbij kwam, werd de oorzaak van de glinstering duidelijk. Door de hitte van het vuur dat het dorp met de grond had gelijk gemaakt, was de toplaag van het zand hier veranderd in glas. Werkelijk niets was er over van het dorp. Er werd nog gekeken naar de plek waar Belros gisteren het figuur in de verte had gezien. Het bleek duidelijk dat hiervandaan het zand in glas was veranderd. Vanuit deze plek was het vuur ontstaan dat het gehele dorp had verlost van al het kwaad…
Het was tijd om weer terug te keren naar de tempel van Astoth. Om geen tijd te verliezen door het terugreizen, werd besloten middels de teleport-spreuken van Valerius terug te keren naar de tempel. Zo gezegd, zo gedaan. Eenmaal in de tempel aangekomen, sloot Valerius zich opnieuw op in de bibliotheek van Astoth om meer te weten te komen over de naam Arkh-Nadim. Na een aantal dagen van onderzoek (en een nieuw vel dat Valerius weer volgeschreven had met cirkels en lijnen) kwam Valerius met het volgende:

– De naam Arkh-Nadim is verbonden met een geschiedenis, die ouder was dan het geschreven woord.
– Arkh-Nadim was een zeer machtige en wrede tovenaar geweest. Maar hij was ook een ijdele tovenaar geweest en hij was ook bekend onder de naam “The Tyrant of the Desert” genoemd.
– Vlak voor zijn overlijden had hij zich verdiept in het Lichdom en na zijn dood in een lich te zijn vernaderd, ging hij verder met zijn wreedheden.
– Arkh-Nadim opende zelfs de jacht op andere liches, ging de strijd met hen a an en nadat hij hen had verslagen, nam hij hen kracht over.
– Arkh-Nadim groeide uit tot een lichking. Dit alles speelde zich af in een tijd waar op dat moment deze omgeving zeer bosrijk was.
– Op een gegeven moment stonden er Krachten op om Arkh-Nadim te doden. Bij het gevecht dat toen volgde, veranderde het landschap in een woestijn.
– Twee krachten raakten dodelijk gewond tijdens het gevecht met deze lichking. Na hun dood werden zij door de goden aan gewezen om weer leven te brengen in dit gebied.

ttp://images4.wikia.nocookie.net/__cb20070520215120/forgottenrealms/images/thumb/d/d6/Szass_Tam_-_Sam_Wood.jpg/250px-Szass_Tam_-_Sam_Wood.jpg
-Arkh-Nadim werd diep onder de grond begraven om nooit van te vernemen.
– Waar liches normaal slechts één phylactery hebben, is het bekend dat Arkh-Nadim er meerder moet hebben gehad.Na dit alles te hebben besproken, stelde Valerius voor middels een Discern Location te achterhalen waar de gestolen edelstenen zich bevonden, zodat ze weer konden worden teruggebracht naar deze tempel. Na een aantal mislukte poging, herinnerde Valerius opeens één van de edelstenen, die was gestolen en die in het steen was geplaatst van de Teleport Stone. De spreuk Discern Location bracht hem beelden van een plek, die het Hart van de Woestijn werd genoemd en hij sprak vurig: “Nu weet ik waar we naartoe moeten gaan om eindelijk wat antwoorden te vinden op onze talrijke vragen!”.
ttp://fc06.deviantart.net/fs22/f/2008/013/d/a/Endless_Desert_at_Night_by_jamieque.jpg
 

 

 
Paladins! A Forgotten Realms Campaign - All contents © copyright 2004. All rights reserved.