Onderwerp
: The Curious Case Of Patty Blue
Auteur : Remco Gerrets
Datum : 25-01-2012
 


 The Chronicles... So Far
 

The Curious Case Of Patty Blue

The Titan’s Rack

De habijt van The Pilgrim trok een eentonig spoor over de modderige natte straten van Dock Ward. Snitch vroeg zich zwijgend af of de monnik voor hem de dikke laag vuil en modder aan de achterkant van zijn naakte onderbenen überhaupt nog voelde. Met speels gemak ‘sprong’ Snitch in de voetstappen die The Pilgrim achterliet in de drassige modderlaag. Hoewel de straten van Waterdeep waren overschaduwd door de invallende avond en donkergrijze regenwolken was het humeur van de halfling dief opperbest. Niet in het minst omdat de bestemming deze avond niets minder was dan het beruchte ‘The Titan’s Rack’, een bordeel met allure en van bovengemiddelde kwaliteit; althans volgens de brothel-O-meter van Snitch.
Dat Daryl, Yaminah en The Pilgrim de halfling voornamelijk hadden meegenomen om een schets van Patty Blue op te tekenen deed niets af aan Snitch’ voorpret. Heel even keek hij achterom en zag hoe Daryl met een stalen gezicht door de motregen stapte, zijn grijsgroene cape half wegsmeltend in het grauwe straatbeeld van Dock Ward. Als Daryl eens wist waar ik nu aan dacht… hitste de dief zichzelf op. Jezus, bij alleen de gedachte aan al die prammen, poezen en plezier kreeg hij al een halve erectie!  Snitch weerhield zichzelf ervan spontaan in zijn handen te klappen. In plaats hiervan wreef hij zijn knuistjes warmend aan de gedachten van al het lekkers dat hem te wachten stond.Hoe schril stonden de gedachten van Snitch in contrast met hetgeen The Pilgrim bezighield. Voor The Pilgrim betekenden de bordelen van Waterdeep een bron van verderfelijkheid. Een centrum van een universele onreinheid waarin goede dames van veel te lichte zeden hun zuurverdiende loon bij elkaar neukten. In het midden van dit alles poogde hijzelf en zijn Orde deze wentelingen van zedeloosheid in balans te brengen; soms bij wijze van boetedoening, vaker tegen beter weten in en bijna altijd vechtend tegen de bierkaai. En nu dit; de verdwijning van Patty Blue, hoogstwaarschijnlijk een concurrerende pooier of een ‘onbegrepen’ klant. Hoe het ook zij, The Pilgrim had zijn belofte gedaan en dit was opnieuw een mogelijkheid boete te doen.

Naast de ingang van The Titan’s Rack tokkelde een luitspeler lui op zijn instrument. De man keek niet op of om toen de vier ‘bezoekers’ hem passeerden. The Pilgrim klopte op de deur en keek met enige minachting naar de halfling naast hem. Rode blosjes kleurden Snitch’ wangen rood van opwinding. ‘Wat’szz up?’ vroeg de dief met dikke tong, maar voordat The Pilgrim kon antwoorden opende het ‘Walballah’. In voluptueuze volle glorie stond daar Wendy in de deuropening. Haar rondingen op de juiste plekken deed Snitch de lippen likken. Lang golvend goudblond haar omlijste een gezicht waar engelen van dromen. Met een honingzoete stem sprak Wendy door wellustig rode lippen; ‘Hey Pilgrim. Nu alweer terug? Business or pleasure?’ Terwijl Daryl een vragend wenkbrauw optrok stroomde een groot deel van Snitch’ bloed richting zijn inmiddels stevig kloppende piemel. Wendy keek de halfling aan en vervolgens naar de bobbel in zijn broek. ‘Dat hoef ik je maatje niet te vragen hè?’

In The Titan’s Rack werd snel tot zaken overgegaan. The Pilgrim vertelde Wendy dat Snitch graag een portret wilde tekenen van de vermiste Patty Blue. Wendy werkte maar al te graag mee en verzekerde dat Snitch een navenante beloning te wachten stond wanneer zij konden achterhalen wat er met Patty was gebeurd. Dit spoorde de halfling aan tot een nog nauwkeurigere tekening, met als bijkomend voordeel dat de geilaard nog een aantal momenten langer van het goddelijke lichaam van Wendy kon genieten.

In het licht van Tymora
Het bezoek aan The Titan’s Rack was kort maar vruchtbaar geweest. Gewapend met een realistische schets van Patty Blue verlieten Daryl, Snitch en The Pilgrim het bordeel. Eenmaal buiten wierp Daryl een copper piece in de houten nap van de luitspeler, met als gevolg dat de muzikant uit volle borst Waterdeep’s ‘Alle 14 Goed’ ten gehore bracht.

Nog dieper in het zwart van nachtelijk Waterdeep snelde het viertal zich naar het onderkomen van Patty Blue. De straten on het vervallen deel van Dock Ward waren leeg. Het druilerige weer, het ontbreken van straatverlichting en het zompige geluid van voetstappen door met modder bedekte straten deed het toch al niet beste humeur van The Pilgrim geen goed.
Het slot op Patty Blue’s huis bleek een peulenschil om te openen voor Snitch, ook dat stemde monnik niet gelukkiger. Een dame alleen zou zichzelf beter moeten beschermen. Yaminah en Daryl bleven buiten op wacht staan terwijl The Pilgrim en Snitch het huis doorzochten, op zoek naar aanwijzingen wat er met Patty Blue gebeurd zou kunnen zijn. Op een paar brieven en wat luxe artikelen na vond het tweetal geen bijzonderheden. Het luxe stuk zeep (afkomstig uit het badhuis Calendula) en de flessen wijn in de kelder waren hoogstwaarschijnlijk cadeaus van bijzonder dankbare ‘klanten’ en de brieven bleken afkomstig van Patty’s familie. Veelal brieven waarin Patty gevraagd wordt haar onzedige leven op te geven en terug te keren naar het ouderlijk huis.
‘Ik check even met de buurvrouw, wellicht dat zij iets heeft gehoord of gezien.’ merkte The Pilgrim op. Snitch knikte afwezig terwijl hij zijn welgevormde reukorgaan op Patty’s matras drukte. ‘Bwen effe aawn het wruiken of ik hier iets kan vinden.’ The Pilgrim slikte een opmerking weg en liep naar de tweede verdieping van het gebouw.
De buurvrouw bleek een rasechte Dock Wardian, en stond The Pilgrim met plat Dock Ward accent te woord. Het woord snol werd veelvuldig gebruikt wanneer ze over Patty Blue sprak en klaarblijkelijk stond er laatst een onguur type aan de deur. Maar, zo bleek, de buurvrouw had eigenlijk niet veel opgemerkt. Of het moest dat nette type, je weet wel, zo’n kakker uit North Ward zijn die geregeld aan de deur kwam.

Na snel overleg werd besloten om de Abe een bezoek te brengen. Minutenlang liepen de vier door de verlaten straten en stegen van Dock Ward richting het havendok waar Abe werkzaam zou zijn. Zowel Snitch als Daryl zocht de schaduw op om zo min mogelijk op te vallen. Plotseling klonk vanuit een donkere steeg de stem van Daryl. Luid en duidelijk gaf de ranger te kennen dat er iets niet in de haak was; “Oh ja?! … Nou dan kan je ‘m krijgen!” Daryl was omsingeld door een groep bendeleden die op het punt stonden de ranger te beroven. Het gevecht dat volgde was kort, maar hevig. De ranger verweerde zich totdat hij bijval kreeg van The Pilgrim en Yaminah, terwijl Snitch de rovers een lesje in backstabs leerde. Slechts één van de bendeleden had weten te ontkomen. En waarschijnlijk waren de Dockward Brawlers, de bende waarvan de rovers deel uitmaakten, inmiddels al geïnformeerd over de fout gelopen overval. Zonder al teveel kleerscheuren kwamen de groepsleden aan bij het havengebouw waar Abe werkzaam zou zijn.

In het havengebouw brandde licht. Op zich niet zo vreemd, want in Dock Ward werd dag en nacht gewerkt. Met wat kunst en vliegwerk posteerden Snitch en The Pilgrim zich naast de ingang van het havengebouw om zo het gesprek dat zich in het gebouw afspeelde af te luisteren. Helaas kon geen van beiden duidelijk horen wat er gezegd werd, maar dat er iets gaande was, zoveel was duidelijk. Temeer daar de deur van binnenuit gebarricadeerd was. Terwijl Daryl en Yaminah de wacht hielden klommen Snitch en The Pilgrim via het dak van het havengebouw naar de achterkant van het dok. Eenmaal daar aangekomen zagen de twee hoe minimaal zes havenarbeiders een tweetal wagens vollaadden met ronde tonnen. The Pilgrim gaf het sein dat ze terug moesten gaan. ‘We zijn hier om informatie te vinden over de verdwijning van Patty Blue.’ Snitch begreep de hint en samen klommen de twee terug naar de hoofdingang. Sierlijk sprong Snitch van het dak. Gevolgd door de monnik. Helaas gleed diens zacht lederen slipper van het door motregen glad geworden bordes, waardoor The Pilgrim met een immens kabaal tussen de houten barrels onder het bordes donderde. De personen in het havengebouw kwamen naar buiten gerend. Snitch verschool zich in de schaduw naast de deuropening, terwijl de rest van zijn teamgenoten zich eveneens zo goed mogelijk probeerden te verschuilen.
Vanuit het havengebouw stapten een aantal pitfighters, veelal barbarians en berserkers die op commando van een priester de omgeving afzochten. Daryl was intussen van de kade het water ingesprongen terwijl Yaminah zich langs de kade-kant had verscholen. The Pilgrim rende zachtjes naar de achterkant van het dok om zo via de achteringang, indien nodig, een verrassingsaanval te kunnen inleiden. Voordat hij het havengebouw betrad zag hij aan de ene kant de volgeladen wagen en aan de waterkant een bootje vertrekken. Kijkend door het havengebouw zag hij Abe naar buiten stappen.
Na enkele spannende minuten gaven de mercenaries van Abe hun zoektocht op en bleven alle groepsgenoten klaarblijkelijk onopgemerkt. Dat Abe niet zomaar de eerste de beste harbour thug bleek, zoveel was wel duidelijk. In stilte beloofde The Pilgrim plechtig bij de eerstvolgende gelegenheid zijn dank te betuigen aan Tymora. Hoeveel geluk kon iemand immers hebben in een situatie als deze?

 

 
Paladins! A Forgotten Realms Campaign - All contents © copyright 2004. All rights reserved.